![[geboorte van een boule]](/Boules/birth_of_integrale_boule.jpg)
![[boulediameter]](/Boules/boulediameter.gif)
![[boulegewicht]](/Boules/boulegewicht.gif)
![[boulestreping]](/Boules/boulestreping.gif)
Internationaal
Spelreglement
Pétanque
Artikel 2bis Ondeugdelijke boules
Artikel 6 Begin van het spel; de werpcirkel
Artikel 7 Voorgeschreven afstanden bij het uitwerpen van het but
Artikel 8 Ongeldig uitwerpen van het but
Artikel 9 Ongeldige worden van het but
Artikel 10bis Vervanging van but of boule
Artikel 11 Verborgen of verplaatst but
Artikel 13 Puntentelling bij ongeldig geworden but
Artikel 16 Gedrag van spelers en toeschouwers
Artikel 17 Oefenen;boules die het afgebakende terrein verlaten
Artikel 18 Ongeldig geworden boules
Artikel 19 Tegengehouden boules
Artikel 20 Toegestane speeltijd
Artikel 22 Werpen van andermans boules
Artikel 23 Boules gespeeld vanuit de verkeerde werpcirkel
Artikel 24 Tijdelijk wegnemen van boules
Artikel 26 Voortijdig opgeraapte boules
Artikel 27 Bij meting verplaatsen van boules of but
Artikel 28 Boules op gelijke afstand
Artikel 29 Reinigen van but of boules
Artikel 31 Afwezigheid van spelers
Artikel 35 Slechte weersomstandigheden
Artikel 36 Voortgang van het toernooi
Aanhangsel A Goedgekeurde Boules
Pétanque is een sport waarbij partijen worden gespeeld tussen equipes van:
Ook zijn partijen mogelijk tussen:
Bij tripletten beschikt iedere speler over twee boules. Bij doubletten en enkelspel beschikt iedere speler over drie boules.
Een andere equipesamenstelling is niet toegestaan.
Pétanque wordt gespeeld met door de FIPJP goedgekeurde boules die:
Naam en voornaam van de speler, of zijn initialen, mogen echter in de boules
worden gegraveerd, evenals diverse aanduidingen van de fabrikant,
volgens de overeengekomen specificaties
van het fabricageproces
Een equipe waarvan een speler schuldig wordt bevonden aan het overtreden van de regels van
punt 4 van het vorige artikel,
wordt onmiddellijk van het toernooi uitgesloten
(gediskwalificeerd).
Als een niet–getrukeerde, maar versleten of ondeugdelijk vervaardigde boule een controle niet met succes
doorstaat of niet voldoet aan de eisen 1, 2 of 3 van het
voorgaande
artikel,
moet de speler deze vervangen. Hij mag ook de hele set boules vervangen.
Een door spelers ingediend protest met betrekking tot de
punten 1, 2 of 3 kan alleen
vóór de partij worden ingediend.
De spelers hebben er dus belang bij zich ervan te vergewissen dat
hun boules en die van hun tegenstander aan de gestelde eisen voldoen.
Een protest met betrekking tot punt 4 kan gedurende de gehele partij worden ingediend,
maar alleen tussen twee werpronden in.
Als een dergelijk protest echter na de derde werpronde wordt
ingediend en ongegrond blijkt, worden drie punten opgeteld bij de score van de tegenstander.
De scheidsrechter of de jury mag te allen tijde de boules van een of meer spelers controleren.
Buts zijn van hout of van kunststof. In het laatste geval dragen zij het handelsmerk van de fabrikant en heeft de FIPJP officieel erkend dat zij aan de overeengekomen specificaties van het fabricageproces voldoen.
Buts hebben een diameter van 30 mm. Een afwijking van ten hoogste + of – 1 mm is toegestaan.
Geverfde buts, ongeacht de kleur, zijn toegestaan, maar mogen niet met een magneet opgetild kunnen worden.
Voor het begin van een toernooi moet iedere speler zijn licentie tonen aan de wedstrijdleiding. Hij moet deze ook tonen op verzoek van de scheidsrechter of van zijn tegenstander, tenzij de licentie bij de wedstrijdleiding berust.
Pétanque kan op ieder terrein worden gespeeld. De wedstrijdleiding of de scheidsrechter kan de equipes echter
een afgebakend terrein toewijzen.
In dat geval moet dit terrein, voor het landelijke gedeelte van nationale
kampioenschappen en voor internationale toernooien, ten minste 4 m breed en 15 m
lang zijn.
Voor andere toernooien kan de bond afwijkingen van deze afmetingen toestaan, tot een minimum van 3 bij 12 m.
Als speelterreinen elkaar raken, wordt de gemeenschappelijke scheidingslijn aan de kopse zijde van een terrein beschouwd als uitlijn.
Als het terrein van een afzetting is voorzien, moet de afstand tussen deze afzetting en de grens van niet–toegestaan terrein (de uitlijn of verlieslijn) ten minste 1m bedragen.
Een partij gaat tot en met 13 punten. In voorronden en cadragepartijen kan eventueel worden gespeeld tot en met 11 punten.
Er mogen bepaalde toernooien worden georganiseerd waarbij voor partijen een tijdslimiet wordt gesteld.
De equipes tossen om te bepalen welke equipe het terrein kiest en het but als eerste uitwerpt.
Als de wedstrijdleider de equipes een terrein heeft toegewezen, moet het but op dit toegewezen terrein worden
uitgeworpen.
De equipes mogen niet zonder toestemming van de scheidsrechter uitwijken naar een ander terrein.
Een speler van de equipe die de toss heeft gewonnen, kiest de plaats waar wordt begonnen en
tekent of plaatst op de grond een cirkel waar de voeten van elke speler geheel
in passen.
De diameter van een getekende werpcirkel bedraagt ten minste 35 en ten hoogste
50 cm.
Als gebruik wordt gemaakt van een voorgefabriceerde cirkel
moet deze vormvast zijn en een binnendiameter van 50 cm hebben.
Een afwijking van ten hoogste + of – 2 mm is toegestaan.
De organisator beslist over het gebruik van voorgefabriceerde cirkels en dient deze alsdan ter beschikking te stellen.
De werpcirkel geldt voor de drie opeenvolgende uitworpen
waarop de equipe recht heeft, en moet worden geplaatst of getekend op ten minste
één meter van enig obstakel en,
bij niet-afgebakende terreinen, op ten minste twee meter van enige andere in
gebruik zijnde werpcirkel.
De equipe die het but gaat uitwerpen moet alle werpcirkels in de nabijheid van de te gebruiken cirkel uitwissen.
Het binnendeel van de werpcirkel mag geheel geëffend worden gedurende de werpronde, maar moet aan het eind daarvan in de oude staat worden hersteld.
De werpcirkel is geen niet–toegestaan terrein.
Tijdens het werpen van boules moeten de
voeten van de speler binnen de cirkellijn blijven (zij mogen deze niet deels
bedekken);
zij mogen de werpcirkel niet verlaten of geheel van de grond
komen vóór de geworpen boule de grond raakt.
Geen ander lichaamsdeel mag de grond buiten de
werpcirkel raken. Bij wijze van uitzondering mogen zij die het gebruik van een been missen, met slechts
één voet binnen de werpcirkel plaatsnemen.
Voor spelers in een rolstoel geldt dat ten minste één wiel (aan de zijde van de werparm) zich binnen de werpcirkel moet bevinden.
Voor spelers in een rolstoel geldt dat ten minste één wiel (aan de zijde van de werparm) zich binnen de werpcirkel moet bevinden.
Dat een speler het but uitwerpt betekent niet dat hij ook de eerste boule moet werpen.
Bij het uitwerpen van het but is het slechts geldig als:
In de volgende werpronde wordt het but uitgeworpen vanuit een werpcirkel die geplaatst of getekend wordt rond het punt waar het lag aan het einde van de vorige werpronde, behalve als:
In het eerste geval trekt de speler de werpcirkel op de kortst mogelijke toegestane afstand van het obstakel.
In het tweede geval mag de speler de positie van de werpcirkel achterwaarts verplaatsen in het verlengde van de lijn tussen de werpcirkel en de positie van het but in de voorgaande werpronde, maar niet verder dan tot hij het but op de maximaal toegestane werpafstand kan uitwerpen. Dit mag alleen als het but in geen enkele richting op de maximaal toegestane werpafstand kan worden uitgeworpen.
Als na drie opeenvolgende pogingen door eenzelfde equipe het but nog altijd niet reglementair is uitgeworpen, gaat het over naar de tegenstander die eveneens drie pogingen mag doen, en de werpcirkel achterwaarts mag verplaatsen zoals in de vorige alinea is beschreven. In dit geval mag de werpcirkel niet nogmaals worden verplaatst, zelfs niet als ook deze equipe niet slaagt in haar drie pogingen.
De toegestane tijd voor het uitvoeren van deze drie worpen is ten hoogste 1 minuut.
In elk geval werpt de equipe die het but na de eerste drie worpen moest afstaan, de eerste boule.
Als het but bij het uitwerpen wordt tegengehouden door de scheidsrechter, een speler, een toeschouwer, een dier of enig bewegend voorwerp, is het ongeldig en moet het opnieuw worden uitgeworpen; de uitworp telt dan niet mee voor het aantal van drie waarop de equipe recht heeft.
Om het but opnieuw te kunnen uitwerpen moeten beide equipes het erover eens zijn dat het ongeldig lag, of de scheidsrechter moet dat hebben beslist. Als een equipe in strijd hiermee handelt, verliest zij het recht het but uit te werpen.
Heeft ook de tegenstander een boule geworpen, dan wordt het but geacht geldig te liggen en wordt er geen protest tegen de ligging meer in overweging genomen.
Het but is ongeldig in de volgende zes gevallen:
Het is de spelers verboden een klein obstakel dat zich op het terrein bevindt te verwijderen, te verplaatsen, in de grond te drukken of plat te stampen. De speler die het but gaat uitwerpen, mag niettemin de plek onderzoeken waar hij zijn boule wil laten neerkomen (de donnee), door daar ten hoogste drie keer met een van zijn boules op te kloppen. Bovendien mag een speler van de equipe die aan de beurt is, één inslag van een eerder gespeelde boule dichtmaken.
Spelers die zich niet houden aan deze regels, riskeren de sancties genoemd in artikel 34
Het but of een boule mag tijdens een partij slechts in de volgende gevallen worden vervangen:
Als het but tijdens een werpronde onverwachts wordt bedekt door een boomblad of een papiertje, wordt dat verwijderd.
Als het but in beweging komt, bijvoorbeeld door de wind of de helling van het terrein, wordt het teruggelegd op zijn oorspronkelijke plaats, mits deze was gemarkeerd.
Hetzelfde gebeurt als het but per ongeluk door de scheidsrechter, een speler, een toeschouwer, een boule of een but uit een andere partij, een dier of enig bewegend voorwerp wordt verplaatst.
Om onenigheid te voorkomen moeten spelers de plaats van het but markeren. Protesten met betrekking tot niet–gemarkeerde buts en boules worden niet in overweging genomen.
Wordt het but verplaatst door een boule uit dezelfde partij, dan blijft het geldig.
Als het but tijdens een werpronde naar een ander terrein wordt verplaatst (al dan niet afgebakend), blijft het geldig, tenzij artikel 9 van toepassing is.
Als het but terechtkomt op een terrein waar een andere partij gespeeld wordt, wachten de spelers die met het verplaatste but spelen indien nodig tot de spelers van de andere partij hún werpronde hebben beëindigd, en maken daarna hun eigen werpronde af.
Alle betrokken spelers dienen geduld en hoffelijkheid te betrachten.
De equipes spelen de volgende werpronde op het aanvankelijk gebruikte terrein en het but wordt uitgeworpen vanaf het punt vanwaar het verplaatst werd, overeenkomstig de voorwaarden uit artikel 7.
Als het but tijdens een werpronde ongeldig wordt, kunnen zich de volgende drie gevallen voordoen:
Als het but wordt weggeschoten, op niet–toegestaan terrein terechtkomt, en weer op het terrein terugkomt, wordt het als ongeldig beschouwd en worden de regels van artikel 13 toegepast.
De eerste boule van een werpronde wordt geworpen door een speler van de equipe die de toss heeft gewonnen of als laatste punten heeft behaald. Daarna werpt steeds de equipe die niet op punt ligt. De speler mag van geen enkel voorwerp gebruik maken noch een streepje op de grond aanbrengen, om zijn boule te geleiden of de plaats te markeren waar hij zijn boule wil laten neerkomen. Wanneer hij zijn laatste boule werpt, mag hij in zijn andere hand geen extra boule houden.
Boules moeten een voor een geworpen worden.
Eenmaal geworpen boules mogen niet opnieuw worden geworpen. Boules moeten echter opnieuw worden geworpen als zij onderweg van de werpcirkel naar het but zijn tegengehouden of uit hun koers zijn geraakt door een boule of een but uit een andere partij, door een dier, door enig bewegend voorwerp, en in het geval genoemd in de tweede alinea van artikel 8.
Het is verboden boules of het but te bevochtigen.
Een speler moet, vóór hij een boule werpt, deze ontdoen van elke eraan klevende substantie. Een speler die zich niet aan deze regel houdt, riskeert de sancties genoemd in artikel 34.
Als de eerste boule op niet–toegestaan terrein terechtkomt, moet de tegenstander zijn eerste boule spelen; daarna spelen beiden om de beurt, zolang er geen boule op toegestaan terrein ligt.
Als er als direct of indirect gevolg van schieten geen enkele boule meer op toegestaan terrein ligt, gelden de regels van artikel 28.
Gedurende de tijd die een speler reglementair ter beschikking staat om zijn boule te werpen, moeten de toeschouwers en andere spelers stil zijn.
De tegenstanders mogen niet lopen, gebaren, of iets anders doen dat de speler af zou kunnen leiden. Alleen zijn medespelers mogen zich tussen de werpcirkel en het but bevinden.
De tegenstanders moeten zich voorbij het but of achter de speler bevinden, in beide gevallen zijwaarts van de speelrichting, en bovendien op ten minste 2 m afstand van but en speler.
Spelers die zich niet houden aan deze regels kunnen worden gediskwalificeerd als zij, na een officiële waarschuwing van de scheidsrechter, volharden in hun gedrag.
Tijdens een partij mag niet worden geoefend. Een speler die zich niet aan deze regel houdt, riskeert de sancties genoemd in artikel 34.
Boules die tijdens de werpronde het afgebakende terrein verlaten, blijven geldig (tenzij artikel 18 van toepassing is).
Een boule is ongeldig zodra hij op niet–toegestaan terrein terechtkomt. Een boule op de uitlijn is
geldig.
De boule is pas ongeldig als hij de uitlijn geheel is gepasseerd, dat wil zeggen als hij, recht van boven
bezien, geheel voorbij de uitlijn ligt. Dit geldt evenzo als bij afgebakende
terreinen de boule een onmiddellijk naastgelegen terrein geheel heeft
overschreden.
Als bij partijen op tijd die worden gespeeld op één terrein een boule geheel buiten het toegewezen terrein wordt verplaatst is hij ongeldig.
Als de boule vervolgens op het terrein terugkomt, hetzij vanwege de helling van het terrein, hetzij na contact met een bewegend of stilstaand voorwerp, wordt hij meteen uit het spel genomen, en alles wat hij na het overschrijden van de uitlijn heeft verplaatst wordt op zijn oorspronkelijke plaats teruggelegd.
Een ongeldige boule moet meteen worden opgeraapt en voor de betreffende werpronde uit het spel worden genomen. Als dat niet gebeurt, wordt hij automatisch geldig zodra de tegenpartij een boule gespeeld heeft.
Als een boule na het werpen wordt tegengehouden of van richting veranderd door een toeschouwer of door de scheidsrechter, blijft hij liggen op zijn nieuwe plaats.
Als een boule na het werpen wordt tegengehouden of onopzettelijk van richting veranderd door een speler van de equipe waartoe deze boule behoort, is hij ongeldig.
Als een geplaatste (gepointeerde) boule wordt tegengehouden of onopzettelijk van richting veranderd door een tegenstander, beslist de speler de boule opnieuw te werpen of hem te laten liggen op zijn nieuwe plaats.
Als een geschoten (getireerde) of weggeschoten boule wordt tegengehouden of onopzettelijk van richting veranderd door een speler, mag zijn tegenstander beslissen:
Een speler die een bewegende boule met opzet tegenhoudt, wordt onmiddellijk uitgesloten van de rest van de partij, en met hem zijn equipe.
Zodra het but is uitgeworpen heeft een speler ten hoogste één minuut om zijn boule te werpen. De tijd gaat in zodra het but of de laatst geworpen boule tot stilstand is gekomen, dan wel zodra een eventuele meting verricht is.
Deze regels zijn na elke werpronde ook van toepassing op het uitwerpen van het but, dat wil zeggen 1 minuut voor de drie worpen.
Een speler die zich niet aan deze speeltijd houdt, riskeert de sancties genoemd in artikel 34.
Als een stilliggende boule door bijvoorbeeld de wind of de helling van het terrein verplaatst wordt, wordt hij teruggelegd op zijn oorspronkelijke plaats. Dit gebeurt ook als de boule per ongeluk verplaatst wordt door toedoen van een speler, de scheidsrechter, een toeschouwer, een dier of enig bewegend voorwerp.
Om onenigheid te voorkomen moeten spelers de plaats van de boules markeren. Protesten met betrekking tot niet–gemarkeerde boules worden niet in overweging genomen; de scheidsrechter zal zich louter baseren op de feitelijke ligging van de boules op het terrein.
Als echter een boule wordt verplaatst als gevolg van een in deze partij geworpen boule, blijft hij wel geldig.
Een speler die met een boule van een ander speelt, krijgt een officiële waarschuwing. De geworpen boule blijft niettemin geldig, maar wordt, indien nodig na meting, onmiddellijk vervangen.
Ingeval van herhaling in de loop van de partij wordt de boule van de speler die de fout maakte ongeldig verklaard, en alles wat als gevolg daarvan is verplaatst, wordt op zijn oorspronkelijke plaats teruggelegd.
Een boule die wordt geworpen van buiten de cirkel van waaruit het but is uitgeworpen is ongeldig, en alles wat als gevolg daarvan is verplaatst, wordt op zijn oorspronkelijke plaats teruggelegd, mits deze was gemarkeerd.
De tegenstander mag echter de voordeelregel toepassen en de worp alsnog geldig verklaren. De geworpen boule blijft dan geldig, en alles wat als gevolg van de worp is verplaatst, blijft op zijn nieuwe plaats liggen.
Om te kunnen meten is het toegestaan boules en obstakels tussen het but en de te meten boules tijdelijk weg te nemen, na hun plaats te hebben gemarkeerd. Na het meten worden de boules en obstakels op hun plaats teruggelegd. Als de obstakels niet kunnen worden weggenomen, wordt met behulp van een passer gemeten.
Een meting wordt verricht door de equipe die de laatste boule heeft geworpen. De tegenstander heeft altijd het recht na te meten. Ongeacht de ligging van de te meten boules en het moment in de werpronde kan de scheidsrechter worden geraadpleegd; tegen diens beslissing is geen beroep mogelijk.
Metingen worden verricht met een geschikt instrument, waarover beide equipes dienen te beschikken. In het bijzonder is het niet toegestaan met de voeten te meten. Een speler die zich niet aan deze regel houdt, riskeert de sancties genoemd in artikel 34.
Het is de spelers verboden gespeelde boules op te rapen voor het einde van de werpronde.
Een boule die aan het einde van een werpronde wordt opgeraapt vóór het aantal punten is overeengekomen, is ongeldig. Hiertegen kan niet worden geprotesteerd.
Het te meten punt gaat verloren voor een equipe waarvan een speler tijdens een meting het but of een van de betwiste boules verplaatst.
Als de scheidsrechter tijdens een meting het but of een boule beweegt of verplaatst, doet hij in alle rechtvaardigheid een uitspraak.
Als de twee het dichtst bij het but liggende boules even ver van het but liggen en aan verschillende equipes toebehoren, kunnen zich de volgende drie gevallen voordoen:
Als er aan het einde van een werpronde geen boules op toegestaan terrein liggen, eindigt de werpronde onbeslist.
Vóór meting moeten de betrokken boules en het but worden ontdaan van al wat er aan kleeft.
Een protest dient te worden ingediend bij de scheidsrechter. Indien het na het vaststellen van de uitslag van een partij wordt ingediend, wordt het niet in overweging genomen.
Een equipe is verantwoordelijk voor het toezicht op de tegenstander, onder andere met betrekking tot licenties, spelerscategorie, terrein en boules.
Bij de loting voor het wedstrijdschema en de bekendmaking van het resultaat van deze loting moeten de spelers bij de wedstrijdtafel aanwezig zijn. Als een equipe een kwartier na de bekendmaking nog niet op het terrein aanwezig is, wordt zij bestraft met één punt, dat aan de tegenstander wordt toegekend. Bij partijen op tijd wordt deze termijn verkort tot 5 minuten.
Voor iedere vijf minuten afwezigheid daarna wordt opnieuw een punt toegekend aan de tegenstander.
Dezelfde sanctie wordt tijdens het toernooi opgelegd na elke loting en bij hervatting van de partijen na enige onderbreking.
Een equipe die één uur na het begin van het toernooi, of de hervatting van de partijen na een onderbreking, nog niet op het terrein is verschenen wordt uitgesloten van het toernooi.
Een onvolledige equipe mag aan de partij beginnen zonder op een afwezige speler te wachten, maar speelt zonder zijn boules.
Spelers mogen zich niet van een partij verwijderen of het speelterrein verlaten zonder toestemming van de scheidsrechter. Als deze niet is gegeven, zijn de bepalingen in dit artikel en in artikel 32 van overeenkomstige toepassing
Als de afwezige speler na het begin van een werpronde verschijnt, mag hij niet meer aan deze werpronde deelnemen. Pas in de volgende werpronde kan hij aan de partij meedoen.
Als de afwezige speler meer dan een uur na het begin van een partij verschijnt, mag hij daar niet meer aan meedoen.
Als de onvolledige equipe deze partij wint, mag hij wel aan de eventuele volgende partij(en) meedoen, mits de equipe mede op zijn naam is ingeschreven.
Als het toernooi in poules wordt gespeeld, mag hij, ongeacht het resultaat van deze partij, aan de eventuele volgende partij(en) deelnemen.
Een werpronde wordt geacht te zijn begonnen zodra het but geldig is uitgeworpen.
Het inzetten van een vervanger in een doublette of van een of twee vervangers in een triplette is slechts toegestaan tot het officiële startsein van het toernooi (mondeling, door middel van een fluitje, een startschot, enz.), tenzij de vervanger reeds als behorend tot een andere equipe voor het toernooi was ingeschreven.
Spelers die zich niet houden aan de spelregels, riskeren de volgende sancties:
Bij regen wordt een begonnen werpronde afgemaakt, tenzij de scheidsrechter anders beslist. De scheidsrechter is, na overleg met de jury, als enige bevoegd ingeval van overmacht een werpronde te onderbreken of ongeldig te verklaren.
Als bepaalde partijen bij de afkondiging van een nieuwe fase van het toernooi nog niet afgelopen zijn, kan de scheidsrechter, na raadpleging van de wedstrijdleiding, alle maatregelen en beslissingen nemen die hij nodig acht voor een vlot verloop van het toernooi.
Een equipe die in een partij blijk geeft van onsportiviteit of van gebrek aan respect voor het publiek, de officials of de scheidsrechters, wordt uit het toernooi genomen. Deze diskwalificatie kan leiden tot nietigverklaring van eventueel behaalde resultaten, en tot het opleggen van de sancties als bepaald in artikel 38.
Een speler die schuldig wordt bevonden aan wangedrag of die zich van geweld bedient jegens een official, een scheidsrechter, een andere speler of een toeschouwer, riskeert een of meer van de volgende sancties, afhankelijk van de ernst van de overtreding:
Een sanctie die wordt opgelegd aan een schuldig bevonden speler, kan ook worden opgelegd aan zijn medespelers.
Sanctie 1 wordt opgelegd door de scheidsrechter.
Sanctie 2 wordt opgelegd door de jury.
Sanctie 3 wordt toegepast door de wedstrijdleiding, die de vervallen prijzen en beloningen, vergezeld van een verslag, binnen 48 uur aan de bond stuurt, die over de bestemming ervan beslist.
In alle gevallen ligt de uiteindelijke beslissing bij de commissie tuchtrechtspraak van de bond.
Spelers dienen correct gekleed te zijn. Spelers die zich niet houden aan deze regel kunnen, na een officiële waarschuwing van de scheidsrechter, worden gediskwalificeerd.
Scheidsrechters die zijn aangewezen om een toernooi te leiden, moeten toezien op de strikte toepassing van het spelreglement en de administratieve regelingen die het completeren. Zij kunnen spelers of equipes diskwalificeren die weigeren zich bij hun beslissingen neer te leggen.
De scheidsrechter rapporteert toeschouwers die een licentie bezitten of door de bond geschorst zijn, en die door hun gedrag incidenten op het terrein veroorzaken, aan de bond. Deze maakt een tuchtzaak tegen betrokkenen aanhangig bij de commissie tuchtrechtspraak, die over de schuldvraag beslist en op te leggen straffen vaststelt.
Gevallen waarin dit reglement niet voorziet, worden voorgelegd aan de scheidsrechter die ze kan doorverwijzen naar de jury van het toernooi. Tegen deze beslissingen van de jury als bedoeld in deze alinea, is geen beroep mogelijk. Een jury bestaat uit ten minste drie en ten hoogste vijf leden. Als de stemmen staken, is de stem van de voorzitter van de jury doorslaggevend.
Het huidige internationaal spelreglement Pétanque is aangenomen door het congres van de Fédération Internationale de Pétanque et Jeu Provençal op 13 november 2008 te Dakar (Senegal).
De Nederlandse vertaling is vastgesteld door de Nederlandse Jeu de Boules Bond en is met ingang van 1 april 2009 van toepassing bij alle onder auspiciën van de NJBB te houden toernooien.
In het navolgende overzicht vindt u een lijst van fabrikanten van boules die zijn goedgekeurd door de Fédération Internationale de Pétanque et Jeu Provençale (FIPJP), lid van de Confédération Mondiale de Sports Boules (CMSB), erkend door het Internationaal Olympisch Comité (IOC). De FIPJP is gevestigd aan de Rue Trigance 14, 13002 Marseille, Frankrijk.
Aanhangsels A en B zijn bijgewerkt tot en met maart 2009.
|
Fabrikant |
Label |
|---|---|
|
Boule L’ARTISANALE |
ARTT ART ARD ARTTA ARTTI |
|
Boule AZER S.A. |
INOV–TOP AZER-TOP INOV–PLUS AZER-PLUS INOV–XT AZER-XT INOV–Xi AZER-Xi |
|
Boule BLEUE |
BOULE ROFRITSCH
INOX
115 SUPER CARBONE R. 120 SUPER INOX BLEUE INOX CARBONE 115 INOX 120 CARBONE 120 R. BLEUE PRESTIGE INOX PRESTIGE CARBONE |
|
Boules ELTE |
A 36 MC LT RL INOX LT RLM |
|
Boule IDEALE |
IDI IDC IDN IDS ID |
|
Boule INTEGRALE |
BRONZE AS DE CARREAU AC ACIER INOX DUR I ACIER INOX TENDRE IT ACIER INOX TENDRE IT R3 ACIER TRAITE BRILLANT CZ ACIER TRAITE NOIR CZ ACIER TRAITE A5 ACIER CARBONE DTI MARQUATE COMMUN INT |
|
Boule J.B. |
JB JBM30 JB
XXXX CAP115
X JB
XJBX XJBX 110
110
JB JB MI16 JB
|
|
Boule NOIRE |
CX COU * * * * BUCARO SOLEIL
ZX COU BUCARO SOLEIL 110
X COU BUCARO GTI
COU OKARO OKARO
* COU OKARO SOLEIL
ZCOU OKARO SOLEIL 110
CRCOU * * * * OKARO GTI
XC COU TON’R
XR COU * * * * TON’R 180
CUPER COU TON’R 180
TON’R TON’R
|
|
Boule OBUT |
OBUT ATX * * * * * OBUT * OBUT * DURE inox * OBUT * 1/2 TENDRE inox OBUT * MATCH * OBUT * LEADER OBUT OBUT OBUT A.T.C. OBUT A.T.C. DURE chromée OBUT A.T.H. OBUT A.T.R. OBUT A.T.R. 1/2 TENDRE chromée OBUT A.T.S. OBUT G.R. OBUT MATCH OBUT PRO OBUT LEADER Obut Nexius*** OBUT MATCH+ OBUT Bi-pôle |
|
Boule PI–DN |
π DN π DN ФФФФ π DN ФФФ |
|
Boules UNIC |
UNIC UNIC UNIC UNIC110 UNIC TOURNOI UNIC INOX |
|
Boule V.M.S. PLOT Siège: ODIVAL B.P. 46 52800 NOGENT Tél: 03.25.31.85.79 Fax: 03.25.31.62.65 |
VMS TORTUE VMS MS X VMS MS X15 CZ MS A15 2110 |
|
F.B.T. SPORT Complex Co. Ltd "La Franc Boule" 2357 Ramkamhaeng Road Hua, Mark, Bangkapi 10240 BANGKOK (Thaïlande) Tél: (662) 718 4700 45 Fax: (662) 718 4769 70 |
LA FRANC–SS01 LA FRANC–FBT THAILAND LA FRANC SM "BF – BC" |
|
Boule EURL–OPOINT |
EDEN 110 MAGIC 110 EDEN 120 MAGIC 120 EDEN 130 MAGIC 130 |